De gloed van God
 
 
 
 
     
Vraag: wil je vertellen over de gloed van God?
 
Weet je dat iedereen de glans van God in zich herbergt? Het gaat er eigenlijk alleen maar om of je bereid bent toe te laten. Of je bereid bent het licht van God toe te laten.

Vraag: Wat is dat, het licht van God toelaten?
 
Het licht van God is het licht van waarheid. Schouwend met een heldere open blik ontdek je dat het hele leven een komen en gaan is in een voortdurende verandering. Je realiseert je dat je zelf ook aan voortdurende verandering onderhevig bent; dat alle 'ik' een vermeende positie is, gemaakt van alsmaar wisselende ideeën. Je ontdekt dat alle gedachtes denk-beelden zijn. En dan ga je je afvragen wat een constante zou kunnen zijn in alle verandering en hoe reëel gedachtes eigenlijk zijn, en wat dan wel werkelijk waar is. Zo ontdek je dat waarheid een geheim is, verstopt achter ideeën, ontkenning en verklaringen. En met de bereidheid het licht van God toe te laten, offer je geleidelijk alle 'ik' op het altaar van waarheid. Je dient plaats te maken voor God. Je dient God alle ruimte te geven. En dat betekent dat je de plaats die je inneemt terug moet geven aan God. De plek die je inneemt is helemaal niet van jou, die is van God. Alles behoort God toe, er is alleen maar God. Alle ik, mij en mijn is oneigenlijk geclaimd en in wezen een misverstand. Alsof er nog iets anders kan zijn dan God. Alsof God er kan zijn èn jij. Er is alleen maar God, maak plaats!

 
Vraag: Verlangen we eigenlijk niet allemaal naar liefde?
 
Ja, we verlangen naar de vervulling en rust die liefde ons geeft. Eigenlijk zijn alle verlangens een afgeleide van het verlangen naar liefde. En dat verlangen projecteren we altijd naar buiten. In de vorm van het zoeken naar een geliefde, of het nastreven van erkenning of geborgenheid. Wanneer je het al voor elkaar krijgt middels het vervullen van je verlangens, lijkt het of dat nooit helemaal compleet is, misschien voor kleine momentjes eventjes en dan ontglipt het je weer. Want de omstandigheden dienen voortdurend perfect te zijn om die vervulling te bewerkstelligen. Dus dat is nogal een gedoe. Soms lukt het en dat zijn dan die gouden momenten dat je '.. aahhhhhh'., gaat het hier misschien om in het leven? Het zijn zulke kleine momenten en het is zo fragiel.
 
En al die tijd dat we aan het verlangen zijn en streven om die omstandigheden voor elkaar te krijgen, en trachten problemen te ontwarren, ligt vervulling te wachten op je, in je eigen hart. Ligt liefde te wachten op je, in je eigen hart.
Ligt compleetheid en heelheid, rust en vrede te wachten op je, in je eigen hart.
We hoeven alleen maar te ontspannen in waarheid en aanvaarding. We hoeven alleen maar stil te zijn.
 
 
God rust in jou
God rust in een ieder
als heelheid
als stilte
als vrede.
 
God behoeft enkel
jouw onverdeelde aandacht.
Wees aandachtig, wees stil.
Hoe kan je God nou horen
wanneer je er de hele tijd
doorheen zit te praten?
 
 
 
Dus de hele louterende weg tot leven-in-vervulling is de weg van het hoofd naar het hart, van twijfel tot twijfelloosheid en van twee naar Een. Wezenlijk is daar niets voor nodig, behalve je erkenning daarvan, behalve je volledig 'ja'. Alles wat je meent daarvoor nodig te hebben zal behulpzaam kunnen zijn, tot op zekere hoogte. Zodat je kunt komen tot dat twijfelloze 'ja'. Totdat je uiteindelijk gaat erkennen: wow, dit ben ik altijd al geweest. Waar ik het aller-, aller- meeste naar verlang heeft mij nooit ontbroken. Ik heb er altijd alleen overheen gekeken, rennend en dravend naar straks, naar later, beter en daar.
 
 
Maak ruimte voor het hoogste.
Offer alles op aan het hoogste.
Offer je denkbeelden en je waan
en je oordelen en je vermeende controle.
Offer je angst en je vastklampen,
offer je schuld en alle weten.
 
Leeg je hoofd en val in je hart.
Geef je over aan een hart van niet-weten.
Een hart waar wijsheid woont
Een warm open hart
Een hart zonder buitenkant,
waar God vrijuit kan stralen.
 

  
 
Vraag: Hoe doe je dat dan?
 
Verlangen, vertrouwen en vastberadenheid. Verlang je wezen te openen. Verlang om vrij-uit te leven. Verlang om in vrijheid te leven. Dat betekent dat je de moed vindt om alles onder ogen te zien precies zoals het is. Dat betekent dat je gaat leven op het kompas van het naakte oog van waarheid, en niet langer 'dat-wat-is' verpakt in verklaringen, in interpretatie, in excuses. Zo kom je oog in oog met 'wat-is', zo kwetsbaar, zo innig, zo onmiddellijk, dit directe ervaren.
Deze onmiddellijkheid leven, gestript van iedere fascinatie voor denken en voelen,ontdaan van de dwingende noodzaak tot projecteren, doet de tijd stoppen. En zo kan de glans van God je overspoelen, in dit moment wat geen tijd kent, in eeuwige tijdloosheid.
 
 
Vraag: Is dat genoeg, alleen het verlangen?
 
Dit verlangen dient gedragen te worden door een steeds toenemend vertrouwen. Een vertrouwen dat het leven niet tegen je is, een vertrouwen dat het leven je draagt, een vertrouwen dat het echt mogelijk is, ook voor jou.
 
 
Vraag: Moet je dan ook ergens ìn vertrouwen?
 
Alle vertrouwen ergens ìn, in dat het goed komt, in dat het goed is, in inspirerende boeken, in het leven, in een leraar misschien, leegt zich uiteindelijk uit in enkel en totaal vertrouwen, alleen maar vertrouwen, twijfelloos vertrouwen.
Dat is leven in overgave, waarin alle 'ik' is teruggegeven in de handen van God.
 
 
Vraag: Kan je hier nou eigenlijk iets voor doen?
 
In zekere zin wel. En in zekere zin niet. Je kunt werkelijk niets doen om te zijn wat je altijd geweest bent. En toch zal je je leven dienen in te zetten om dit zelf tot in de diepste diepte te realiseren. Deze realisatie vaagt alle ideeën uit, vaagt alle controle uit, vaagt alle verwachtingen uit. Het vraagt een immense inzet en toewijding en vasthoudendheid om werkelijk alles en alles en alles te overwinnen, om alles over te geven. Er zijn eigenlijk drie belangrijke kwaliteiten: het verlangen om het te verwerven, om het goud van vrede in je hart op te graven, het vertrouwen dat het echt kàn, en de vastberadenheid om de moed niet op te geven. Een vastberadenheid om nooit op te geven, ongeacht wat. Zijn we werkelijk bereid om met wagenwijd open vizier te zijn met wat is en ophouden om aan het leven te sjorren en het trachten te persen in wat ik wil? Je hoeft je alleen maar te ontspannen en totaal over te geven aan wat is. Je hoeft niets meer af te wijzen of te verwerven. Het bestaan wordt een expressie van natuurlijkheid.
 
Dit is een heroïsche innerlijke reis. Wil je werkelijk ontwaken uit alle begoocheling, dan dienen alle verlangens ondergeschikt gemaakt te worden aan het verlangen tot vrijheid. Dit wordt het vurige eerste verlangen, en daar worden alle verlangens aan opgedragen. Zo wordt het verlangen tot vrijheid je brandpunt. Dat is het vuur van passie in je hart, waarin al je ideeën tot as verbranden. Uiteindelijk brandt dit ene verlangen tot vrijheid zichzelf op en valt het verlangen open in vervulling. Niet in vervulling van het verlangen, maar in vervulling die je overspoelt wanneer het laatste verlangen bevrijd is. En dan wordt het onafwendbaar dat je leven keert van ik naar Gij, waarin volkomen vrede in je neerdaalt en grootse stralendheid kan zijn, zoals de zon die opkomt in je hart.
 

Vraag: Wat is die stralendheid precies?
 
Dat is het licht wat alles verlicht, wat het hele bestaan verlicht, wat het licht is wat licht en donker verlicht. God als het licht in alles en allen. Nergens niet, altijd aanwezig en toch niet werkelijk te vinden. Want deze aanwezigheid kent geen vorm en kent geen naam en is nooit geboren en eeuwig aanwezig, nu.  
 

Vraag: dat is niet te bevatten, hoe bedoel je dan, niet te vinden?
 
Je kunt niet vinden wat je bènt. Je kunt niet zien wat alle zien mogelijk maakt. God is niet werkelijk te kennen, God echter is het kennen zelve, het weten zelve, liefde zelve, en in grootse overgave als mysterie te leven. Het mysterie durven leven is in natuurlijkheid leven. Niets speciaals, verhevens of zweverig. Waarachtige spiritualiteit is het dagelijks leven, hier, nu, het gezinsleven, het werk, de uitdagingen van alle dag. En het is zo dichtbij! We kijken er altijd overheen. Willen we ons overgeven aan wat nu hier is, en dat altijd? Tot het inzicht komen dat nu altijd is, en dat hier overal is. Het is een kwestie van niet langer een scheiding aan brengen tussen hier en daar, ik en jij, binnen en buiten. En ten diepste zien dat het besef er-te-zijn, de meest fundamentele afscheiding is die we maken. Wanneer je dat uiteindelijk overgeeft, dat ik-ben met al zijn dingetjes, verlies je jezelf in alles, je schenkt je uit in alles. En daar vind je jezelf weer terug, in alles. Niet langer meer als dat afgescheiden fragment wat we 'ik' noemen en wat altijd een beetje koud en rillerig is. Niet langer eenzaam, maar geborgen en opgenomen in totaliteit, in één. En dan zul je zien, het licht van God in alle ogen.
Zelfrealisatie is het verslinden van alle inzichten.
 
 
Vraag: is dit diepe inzicht zelfrealisatie?
 
Wat mij betreft is zelfrealisatie geen inzicht. Hoe diep je inzicht ook gaat, hoe weids je inzicht ook is, het is nog steeds geen realisatie. Zelfrealisatie is het verzwelgen van alle inzichten. Word een prooi van God, offer je inzichten en laat je verslinden. Het is een ultiem moment van genade, waarin de kennis van alle inzichten verdampt en verdwijnt, en liefdevolle wijsheid zich in de realisatie kan openbaren.
 
 
 
 

Vraag: Hoe is dit voor jou gegaan?
 
Het einde van een lange reis, in niet aflatende vasthoudendheid, met mijn Meester aan mijn zijde; hand in hand, hart in hart. Steeds stiller, steeds leger, uiteindelijk volstrekt alleen. Tot op een nacht..., ik had het nauwelijks in de gaten. Als ik niet goed had opgelet dan had ik het niet eens gemerkt. Stel je voor dat je een wandeling maakt in de mist en geleidelijk aan wordt je jas en je kleding en je huid vochtig. Tegen de tijd dat je thuis komt ben je doorweekt, maar je hebt het niet eens in de gaten, zo subtiel, zo geleidelijk is het gegaan. En je maatje zegt dan: 'Wat ben jij nat zeg!'
 
Het was zo dun, zo ijl, er was geen sprake van: aha, ja kijk, nu is er dan realisatie. Het was een fysieke ervaring, dat heeft uren en uren geduurd in de nacht, waarin mijn hele wezen, al mijn cellen werden verlicht. Het was zo subtiel, het was me bijna ontglipt, zoals een droom die je bij het ontwaken vergeten bent. Tegelijkertijd was het een immense kracht, die vloedgolf van licht die door me heen ging. De gouden gebeurtenis interpreteerde ik niet. Alles was diep stil.
Pas veel later besefte ik: die nacht, die nacht, dàt is het natuurlijk geweest......, de bezegeling.
  
De uiteindelijke opening in enkelvoudige zicht is voor iedereen volstrekt uniek.
Het kan nauwelijks waarneembaar zijn, zoals die wandeling in de ochtendmist, waarna je bij thuiskomst pas merkt hoe doordrenkt je bent. Het ontvouwt zich gewoon, je hoeft je alleen maar te voegen in de stroom van het leven. Je hoeft je alleen maar over te geven aan de armen van God. Leg alle strijd neer, ontspan je en rust. Dan daalt vrede in je neer.
 
 
Vraag: Het valt me op dat je 'God' alsmaar verschillende betekenis geeft.
 
Ja, iedere visie is waar. En niet waar....
 
God is licht,
God is liefde,
God is n-iets
God is alles,
God is vrede,
God is thuis.

 
Moge allen de verheven schittering gewaar worden van het allerhoogste Ene.
 
 

 
Publicatie uit het boek van Maria Hockers: 'De Gloed van God'